19-12-06

DEFINITIEF

nieuwjaarswens voor op blogSamen met 2006 gaat ook deze blog definitief op in herinneringen.
Mag de wereld eindelijk in vrede leven...
Mogen mensen zich in verdraagzaamheid aan elkaar geven....
Mogen onze kinderen op wolken zweven en ouderen onbezorgd verder beven....
Mag Liefde zegenvieren.....
Leve ieder van ons
Iris

18:41 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (24) | Tags: einde, toekomstwensen |  Facebook |

20-11-06

EVEN NIETMEER.....

Gebrek aan tijd en bloginspiratie

Een wachtende stapel lektuur

De zorg aan onze beide moeders

De opvang van ons kleinkind

Een tweede op komst

De drang tot het neerpennen van

kinderverhalen op kleinzoon formaat

 

Dit alles deed me besluiten tot een tijdelijke blogsabbat

 

Aan alle blogvrienden en passanten

dank voor jullie reacties en/of bezoekjes

 

Mijn leven is een komen en gaan op kruisende wegen en op de zijpaadjes herschik ik even mijn rugzak.......

                                                                        Iris

iris7

 

08:09 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (24) | Tags: dank en afscheid |  Facebook |

16-11-06

GENTSE PRIMEUR : EERSTE MUSEUMNACHT

griezelen 3Tijdens de eerste Gentse Museumnacht, vandaag, staan zowat alle belangrijke musea open voor het publiek, gratis en voor niets !  Het is de moeite waard om vanavond van 18u tot middernacht Italiaanse schoonheden (Museum van Schone Kunsten), katoenkabaal (Museum voor Industriële Archeologie-MIAT), Italiaans glas (Design Museum), oude filmpkes (Huis van Alijn), het futurisme (S.M.A.K.) en Griezelen in het Guislain-museum onze luie zetel te ruilen voor een avondje stappen, van hier naar daar.

In het Guislain Museum http://www.museumdrguislain.be/nl/index.html krijgen we een angstaanjagende ontmoeting met Het Kwaad  :Over onmensen, zedige mensen en onszelf

‘Voorbij Goed en kwaad’

griezelen 4is een tegenstelling die elke samenleving beheerst en intrigeert. Er zijn altijd verboden en geboden. Er zijn scheidingslijnen tussen wat niet mag en wat moet. Moraal is een onderwerp dat ook ieder mens bezighoudt, doet nadenken en bij momenten zelfs doet huiveren. Wie is ‘psychopaat’? Wat was een ‘moreel krankzinnige’? Bestaan er ‘gemene gezichten’? Aan de hand van oude en hedendaagse kunstwerken, maar ook voorwerpen en documenten wordt ‘moraal en misdaad’ in beeld gebracht.

In de zalen kunstcollectie presenteert het museum de pas verworven werken van de Franse kunstenaar Francis Marshall: 'goed en kwaad' is een belangrijk thema in zijn werk

In samenwerking met Universiteit Gent/The Moral Brain

Tijdens deze eerste Museumnacht kan je hier terecht voor een nachtelijke wandeling – zaklamp incluis – waar we vaak zullen botsen op de term imbécilité morale of wat we vandaag psychopathie noemen.

Volgens directeur Patrick Allegaert  werd, in vroegere tijden, een psychopaat gezien “voorbij goed en kwaad”.  Dat was de initiële prikkel om, vertrekkend vanuit de geschiedenis van de psychiatrie, de wereld van “het goede” en “het kwade” te tonen doorheen de cultuurgeschiedenis.

Naar het schijnt begint de rondleiding vrij zachtaardig en gaan we op zoektocht naar de oorsprong van moraal.  Daarvoor keek men in het verleden graag naar het rijk der dieren die net zoals de mensen al eens slecht gedrag durven te vertonen.  We horen dat er in de 16e eeuw zowaar dierenprocessen werden gehouden.  Eén tafereel toont een varken dat ter dood veroordeeld werd omdat het zijn boer in de trog gesmeten had.  Ook meer recent vertonen sommige beesten tekenen van onbetamelijk gedrag.  In 2003 is een medewerker van het Natuurhistorisch Museum van Rotterdam getuige van een erg bizar tafereel : een eend vliegt zich te pletter tegen een glazen wand en wordt ook nog eens verkracht door een andere eend. Necrofilie in het dierenrijk dus.  Naar het schijnt is het slachtoffer, in opgezette versie, te zien in deze tentoonstelling.

Nog natrillend van deze bestialiteit, loop je de hoek om op het monster van Frankenstein, die je in de smalle lichtstrook van je zaklantaarnke prompt aan ’t krijsen brengt.

Behalve voorbeelden van hoe de duivel of het kwade in verschillende culturen getoond wordt, vinden we hier de link met de wetenschap terug.

Vroeger dacht men dat het gezicht van psychopaten hun donkere ziel weerspiegelde.  In recentelijk wetenschappelijk onderzoek kijkt men niet meer naar het gezicht of de schedel van de boosdoeners, men probeert echter te zien wat zij zien of juist niet zien.

Even verderop passeer je dan een aantal objecten die verwijzen naar de godsdienstige opvoeding waarmee men vroeger de boosheid uit de kindjes wou krijgen.

Bij het betreden van de museumzone “Voorbij goed en kwaad” is de moraal vanwege extremisme of gewoon ziek zijn  helemaal verdwenen.  Men ziet er o.a. speelgoed van kindsoldaten uit Zaïre.

Deze tentoonstelling suggereert niet dat er vroeger nog rechtvaardigheid was en dat we nu in een maatschappij voorbij “goed en kwaad” leven, maar veeleer dat er verschillende visies op het thema zijn.  Naar het schijnt heb je toch als bezoeker in deze donkere nachtelijke stonden het gevoel door de duivel op de hielen gezeten te worden.

 

Het Kwaad, rondleidingen om 19u, 21u30 en 22u30 in het Museum dr. Guislain.  Men kan natuurlijk ook bezoeken tussen de rondleidingen door, op eigen risico……

 

Dat we deze avond sowieso de straat optrekken en een paar musea aandoen, is een feit, maar of we ook gaan griezelen, daar moeten we nog om tossen, want ik ben op griezelgebied maar een klein lichtje…..

 

14-11-06

LITERATUUR

Besson 2

Nog maar zelden ontmoette ik een auteur die gevoelens, ingetogen passie, onvoorwaardelijke liefde zo subtiel en stijlvol in woorden brengt als in Breekbare dagen van Philippe Besson.

Deze roman is het door Besson bedachte dagboek dat Arthur Rimbaud ’s zus Isabelle bijhield gedurende de laatste maanden van het leven van haar broer.  Het is het verhaal van een rusteloze jongen, zoon van een vader die het gezin al vroeg verliet, en van een hardwerkende, bitse moeder die weinig begrip kan opbrengen voor de gevoelige, poëtische natuur van haar zoon.

In juli 1891 keert Arthur Rimbaud na een verblijf van vele jaren in het buitenland terug naar Frankrijk.  In het ziekenhuis van Marseille laat hij zich behandelen voor een infectie aan het been, dat uiteindelijk moet afgezet worden.  Voor het eerst in lange tijd komt hij terug in zijn ouderlijk huis bij zijn moeder en zijn zus.

Meer nog is Breekbare dagen het tragische verhaal van de liefdevolle hereniging van een broer en een zus, wier verhouding na jaren weer een nieuwe kans lijkt te krijgen, een kans die wreed verstoord wordt door de vroege dood van Arthur.

Met een grote sensibiliteit en geloofwaardigheid slaagt Philippe Besson erin door te dringen tot de intimiteit van broer en zus en betekenis te geven aan dat wat eerder niet werd gezegd.  De woorden zijn eenvoudig, de zinnen kort en de emotie is intens.

Eens totaal anders dan de liefde tussen man en vrouw; fijnzinnig, zuiver, eerlijk, puur, vergevingsgezind….

 

Breekbare dagen van Philippe Besson – gepubliceerd met steun van het Franse Ministerie van Buitenlandse Zaken – 2005

 

Voor de levensloop van Arthur Rimbaud zie posting hierna

Besson 3

 

 

 

10:17 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (8) | Tags: roman, rimbaud, phimippe besson |  Facebook |

LITERATUUR

RIMBAUD 2

Arthur Rimbaud wordt geboren op 20 oktober 1854 in Charleville.  Zijn vader, kapitein bij het Franse leger, is vaak uithuizig.  Zijn moeder, een boerendochter, voedt de kinderen met ijzeren hand op.  Al snel blijkt Rimbaud een intelligent kind te zijn; hij slaat jaren over op school en wint verschillende prijzen.  In die periode schrijft hij Ophélie tot op vandaag nog steeds beschouwd als één van zijn beste gedichten.

In 1871 vertrekt Rimbaud op 16-jarige leeftijd naar Parijs, op uitnodiging van de door hem bewonderde dichter Paul Verlaine .  Anvankelijk gaat Rimbaud inwonen bij Verlaine en diens echtgenote, maar in werkelijkheid ontwikkelt zich een homoseksuele relatie tussen beide mannen.
Vanwege de problemen die Rimbaud veroorzaakt (zijn minachting, arrogantie en gewelduitbarstingen) brengt Verlaine hem onder in een kleine Parijse kamer.
In juli 1872 vluchten beide heren uit Parijs via Arras, Charleville, Mechelen, Oostende en  Dover naar Londen waar ze aan de kost komen door Frans te onderwijzen.

Enige tijd later verzeilen ze in een hotelletje in Brussel, waar Verlaine, na een flinke ruzie, twee kogels afvuurt op Rimbaud.

Na het schietincident verzoenen beiden zich, doch Verlaine wordt tot 2 jaar cel veroordeeld en Rimbaud keert terug naar huis waar hij zijn gekende Une saison en enfer schrijft, dat hij evenwel in eigen beheer uitbrengt.

Daarna zwerft Rimbaud een tijdlang door Europa en de rest van de wereld zonder echter nog één gedicht te schrijven. Hij verblijft een tijdje in Aden (Frankrijk) waar  het huis dat hij daar toen bewoonde nu het Cultureel Maison Arthur Rimbaud geworden is. Uiteindelijk vestigt hij zich als handelsreiziger (o.a. in ivoor en dierenhuiden) en als wapenhandelaar in Harar, Abessinië.

In mei 1891 keert Rimbaud terug naar Frankrijk wegens een ernstig opgezwollen knie.  Hij wordt gehospitaliseerd in Marseille waar men tot de conclusie komt dat er zich een tumor  ontwikkeld heeft. Zijn been wordt geamputeerd in een poging zijn leven te redden, maar Rimbaud herstelt niet meer.  Uiteindelijk sterft hij, ondanks de liefdevolle zorgen van zijn zus, op 10 november 1891.

Merkwaardig detail is dat hij zich, volgens zijn zus op zijn ziekbed tegen zijn jeugdzonden gekeerd zou hebben, hetgeen ook verduidelijkt wordt in het hierboven beschreven “Breekbare dagen”  van Philippe Besson.

 

Une saison en enfer is het enige werk dat Arthur Rimbaud tijdens zijn leven heeft gepubliceerd.  Het bestaat deels uit poëzie, deels uit proza.  Aan de ene kant verhaalt het de stormachtige relatie tussen Verlaine en Rimbaud .  Aan de andere kant is het perfect mogelijk de twee hoofdfiguren (de dwaze maagd en de helse bruidegom) te zien als metafoor voor de tweestrijd van de dichter die getroubleerd is door twijfels.

 

Musea

In zijn geboorteplaats Charleville-Mézières is het Musée Arthur Rimbaud gevestigd in een oude watermolen.  Hier zijn o.a. de oude reiskoffer van hem te zien en reproducties van manuscripten.

Nog in 2004 werd in Charleville het Maison des Ailleurs geopend.  In dit voormalig ouderlijk huis van Rimbaud werd elke kamer ingericht naar de steden die hij bezocht en waar hij soms geruime tijd verbleef.  Er is ook een Rimbaud-wandeling te volgen met langs de route het Rimbauds standbeeld en zijn graf.

 

“Ik zal terugkomen met ledematen van ijzer, een donkere huid, een felle blik in mijn ogen.  Te oordelen naar mijn gezicht zal men denken dat ik tot een sterk ras behoor.  Ik zal goud bezitten.  Ik zal een lui leventje leiden en meedogenloos zijn.  De vrouwen dragen zorg voor deze harteloze invaliden, die terug zijn uit een warm land.  Ik zal uit de ellende zijn”

Arthur Rimbaud : uit Une saison en enfer - 1873

.

10:13 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (1) | Tags: wereldliteratuur, poezie, proza, rimbaud |  Facebook |

12-11-06

NATUUR(LIJK)

bourgoyen 1Meestal rijden we met de wagen of de trein naar een vertrekpunt voor onze natuurwandelingen.  Geen nood echter als we eens geen zin hebben, vlakbij het centrum van Gent staat de deur tot ongerepte natuur steeds open.  Het Stedelijk Natuurreservaat  Bourgoyen-Ossemeersen biedt meer nog dan alleen maar een frisse neus ophalen.
bourgoyen 8

bourgoyen 9

Daar worden we opgeslorpt door weidse stiltes, ver weg van het stadsverkeer.

Daar verdrinken we ons in het wuiven van de bomen, het ruisen van hun kruinen, het riet dat golft op de tonen van de wind, fauna en flora die elkaar aanvullen volgens de oer-wetten van moeder Natuur.

bourgoyen 2

bourgoyen7

 

Zo kleurden wij onze zondagse rustdag herfstig en namen we een stukje natuur mee naar huis om te kunnen nagenieten.  Ja, genieterkes, dat zijn wij, zelfs van de kleine dingen die ons hart groot en ons leven de moeite maken…
bourgoyen 5

.In het westen van Gent ligt een waardevol natuurgebied met een oppervlakte van 220 ha: het Stedelijk Natuurreservaat Bourgoyen-Ossemeersen. Het is hoofdzakelijk stadseigendom en vrij toegankelijk. Het bestaat uit vochtige graslanden (meersen), doorsneden met sloten en grachten. Een paradijs voor planten en dieren.

http://www.gent.be/eCache/THE/1/356.cmVjPTQ1NDc4.html

bourgoyen 4

bourgoyen 3

 

 

21:18 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (8) | Tags: flora, natuur, herfst, wandelen, fauna |  Facebook |

11-11-06

BURGEMEESTER AAN DE BORST

Beke

“Het is niet omdat je dag na dag met klachten bezig bent, dat je geen gevoel voor humor kunt hebben” zegt de Gentse ombudsvrouw.  Dus gaf ze aan uittredend burgemeester Frank Beke een cartoon van Gipi als afscheidscadeau. En wat voor één….
Onze burgervader als figuur in de Mammelokker-legende, die toevallig boven de toegangsdeur van de ombudsvrouw is uitgehouwen.  Het is mede dankzij Frank Beke dat de ombudsdienst uit de grond werd gestampt.

De legende van de Mammelokker
Er is geen beeld dat zo populair is bij de Gentenaars.  Het reusachtig, half verheven beeldhouwwerk bevindt zich boven de ingang van de gewezen stadsgevangenis achteraan het Belfort.  Het toont een vrouw die in een gevangenis de borst geeft aan een uitgeputte, in ketens vastgeklonken, grijsaard.

Het woord mammelokker getuigt van een spitsvondige volkshumor.  Een lokke of loke is een namaak speen, een toegenaaid vodje in de vorm van een vinger, waarin men gekauwd brood en een beetje suiker stak. Deze namaakspenen waren voor de Eerste Wereldoorlog in zwang bij arme mensen.  Met mamme wordt zowel een voedstervrouw als een forse vrouwenborst bedoeld.
Dit beeld stelt, volgende een Romeinse legende, een zekere Cimon voor die gedoemd werd om in een kerker van honger te sterven. Hij ontving iedere dag het bezoek van zijn dochter.  Na vele weken merkte men dat de oude man nog steeds leefde.  Zijn cipier bespiedde hem en zag hoe zijn dochter bij elk bezoek hem met de borst voedde.  Dit edel gebaar van kinderliefde trof de rechters en de  oude man werd vrijgelaten.
De maker van het beeld is onbekend.  De stadsgevangenis werd gebouwd in 1741 door toenmalig stadsarchitect
David ’t Kindt.
De naam mammelokker slaat ook op de stadsgevangenis zelf omdat ze voor de Eerste Wereldoorlog zeer populair was als tijdelijke, meestal nachtelijke opsluitplaats voor dronkaards, bedelaars, slechte (?) vrouwen en zelfs voor kinderen die zich niet goed gedroegen en door hun ouders voor enkele uurtjes daar werden gebracht.
(een eerste en oudste vorm van crèche !)

Beke 2

 

Totnogtoe had onze burgervader de bijnaam van Frank Bike, naar allegorie met zijn familienaam, en omdat hij een fervent fietser is.  Ik hoop maar dat ze die mens, als hij met pensioen is, niet ook nog eens, och arme,  de mammelokker  gaan noemen.

09-11-06

POEZIE

zwagerman 3Nadat ik voor 't eerst kennis maakte met de proza van Joost Zwagerman ben ik door zijn poëzie gaan bladeren dat van een gans ander kaliber is.  Daar waar zijn romans vlot lezen, is zijn dichtkunst zwaardere koek.  Zijn gedichten vragen om herlezen, hermalen en heel veel stilstaan totdat ik tot de conclusie kwam dat die vent verdomd goed kan dichten.

Uit zijn bundel Bekentenissen van de pseudomaan

Woord vooraf :

Volgens Van Dale is een pseudoloog iemand met een onweerstaanbare neiging om gefantaseerde belevenissen als waar te vertellen.
De pseudomaan die (nog) geen plaats heeft gekregen in de Van Dale (aldus Zwagerman) is iemand waarvoor de waarheid een verre en vage luchtspiegeling is.
De pseudomaan wil zich tot de wereld bekennen.

Ik doe hierbij de meest toegankelijke greep uit deze bundel :

Augustus, vrijdagmiddag

Er is nu zoveel aangelengde zomer
Op de caféterassen in de stad
dat ook het zwerfvuil meedoet
aan de sfeer van museale films.
Zoals zelfs de zon zich nestelt zodra jij haar vangt.
Dat ene shot : niemand beweegt, jij

     lucht blauw als reclame voor comfort,
     opgewreven auto's parkeren baltsend in,
     mannenlach, honden zelfverlengend aangelijnd,
     driemaal een vaasje en
     voor die stoot daar één met ijs,
     ok ?

van alle meisjesarmen nog wel het allerminst.
Naast je ben ik strandzand, havenhoofd,
zenderkleurig, volleybal.  Van alle harken thuis.
Ik bestel voor twee en jij stilt mee,
onderuit een beetje.  O, je potloodpolsen,
wee je gebeente, niets dan factor 6 achter je ellebogen.
Je navigeert het terras tot stille concentratie,
niemand die nog iets om handen, zelfs geen sigaret
want ook de automaat heeft tropenrooster.

 

Bij elkaar

In het begin niets dan witte hitte jij en ik.
Steeds weer moest de liefde minstens
een Chinees vuurwerk van de zinnen zijn,
een alternatief uitspansel bijeenbemind -
o, die hoogmoedblaf van jonggelieven.

Inmiddels is de streng van jou naar mij
door louter compromis aaneengeregen
en met de geur van hoger honing
viel het ook wel mee - of tegen, het is maar
hoe je het ontschrijft.  Wat rest ons nog ?
We pakken 's ochtends onze carrièretassen in
en voeden de routine van het kleine weten :
huissleutels, de boodschappen, een pinpas delen,
vier cijfers om ons geheugen te bespelen.
Hoe we ooit de code kraakten zijn we al lang vergeten.

 

Joost Zwagerman uit "Bekentenissen van een pseudomaan"
Uitgeverij De Arbeiderspers  - 2001

!cid_001301c48cd1$69114710$94aa5351@uwogn5awoyl7b3

 


 

 

 

    

 

 

19:30 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (6) | Tags: poezie, zwagerman |  Facebook |

08-11-06

LITERATUUR

zwagerman

Tussen mijn vele dagelijkse dingen door slaag ik er toch in de lange lijst “nog te lezen boeken” beetje bij beetje in te korten.  Alhoewel, hoe meer ik inkort, des te meer ik eraan toevoeg.  De boekenwereld is nu eenmaal oneindig en dat alleen al maakt me strijdvaardig om gezond en wel van geest ouder te worden.

Nu had ik hier en daar al iets gelezen of gehoord over de Nederlandse schrijver Joost Zwagerman en eindelijk ben ik ertoe gekomen een eerste werk van hem uit te lezen.
Zijn De Buitenvrouw is me meteen bevallen zodat ik verder op zoek ga naar ander werk van deze zeer uiteenlopende schrijver.

Joost Zwagerman (Alkmaar, 1963) debuteerde in 1986 op tweeëntwintigjarige leeftijd met de roman De houdgreep, één jaar later gevolgd door de verhalenbundel Kroondomein, naar aanleiding waarvan het weekblad De Tijd hem uitriep tot ‘de kroonprins van de Nederlandse literatuur’. Met de roman Gimmick! (1989) bereikte Zwagerman een groot leespubliek, gevolgd door de bestsellers Vals licht (1991) en De buitenvrouw (1994). Van deze drie romans zijn meer dan 150.000 exemplaren per titel verkocht, van De buitenvrouw zelfs meer dan 175.000.
Inmiddels behoort Joost Zwagerman tot één van de meest gelezen schrijvers van zijn generatie.

Behalve romans en verhalen schrijft Joost Zwagerman ook poëzie en essays.

Zo schrijft hij sinds 1985 essays en kritieken voor Vrij Nederland en was enige jaren columnist van de Volkskrant en tegenwoordig van NRC Handelsblad.

Van 1998 tot 2000 was hij vaste gast in het TV-programma Barend & van Dorp. In 2003 en 2004 presenteerde hij VPRO’s Zomergasten.

In De buitenvrouw verhaalt hij over het sluimerend racisme die een leraar ontdekt bij zijn leerlingen, maar ook bij zijn schoonfamilie en zijn buren.  Deze roman behandelt niet alleen moedwil en misverstand in de multiculturele samenleving maar geeft ook een navrant beeld van het voortgezet onderwijs in Nederland, waar eens bevlogen leraren zich geplaatst zien tegenover de toenemende desinteresse van de “Nintendo-generatie”.
Maar vooral voegt
Joost Zwagerman met deze roman weer een facet toe aan het thema dat sinds zijn debuut terugkeert : de onmogelijke liefde, ditmaal vervat in een authentieke huwelijksroman.

Mij gaf deze vlot geschreven roman de ietwat wrange openbaring van hoe onze Noorderburen, waarvan wij aanvankelijk dachten dat zij absoluut nooit moeite hadden met de integratie van allochtonen en een multi-culturele samenleving, even racistisch uit de hoek komen, zij het dan meer verdoken onder een mom van oer-conservatieve en vastgeroeste opvattingen.

Wat me nog is bijgebleven in de schrijfkunst van Zwagerman zijn de vele citaten waarmee hij zijn boek doorspekt, op het eerste zicht vrij eenvoudige denkwijzen; bij nader inzien DE essentie waarover het hem eigenlijk gaat. 

Zo geeft hij bvb. aan “Er bestaat een verschil tussen een glas vastpakken en een glas vastpakken en wie het verschil niet ziet, ziet de wereld niet.  Wie met zijn hand de theekop of het wijnglas koestert, zal er niet zo vlug een mens mee slaan”.

Heel simplistisch misschien maar toch wel met diepliggende betekenis.

Wie in deze wintermaanden eens goed wil doorzakken met een vlot lezend boek moet vast eens kennis maken met Joost Zwagerman’s “De buitenvrouw”.

Uitgeverij De Arbeiderspers – Amsterdam – Antwerpen – eerste druk 1994 – zeventiende druk 1997

de buitenvrouw 2

 

14:57 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (6) | Tags: boek, racisme, verboden liefde |  Facebook |

05-11-06

DE HUISDIENAAR VAN LICHTE ZEDEN (1)

vanderdonckt 2Het verhaal van de “Roste Wasser” heeft mijn grootmoeder dikwijls uit de omfloerste doeken gedaan toen ik een tiener was op weg naar de adolescentie want voor kinderen bleef hij een geheim.  Nu ja, dat dachten althans mijn grootmoeder en groottantes, want achter mijn stripboeken verscholen luisterde ik met gloeiende wangen hun duistere verhalen af.
Bij een dampende koffiepot en een bord met speculoosjes (het zoethoudertje bij de koffie voor de werkmens) kwamen de vijf zussen wekelijks samen en – och god, de kleine zit toch verdiept in haar eigen stripverhalen – mocht ik er dus gerust bijhoren.  Niets was natuurlijk minder waar, want het strippen van mijn tantes was heel wat anders dan mijn familie Snoek met haar deugdelijke fratsen. 
vanderdonckt 4Die Roste Wasser ken ik dus nog uit het toenmalig gniffelend vrouwengefluister. Naar het schijnt een rood aangelopen neus, lange rode baard en een dito krullenkop. Hij paste perfect in de rosse buurt aan het Zuid. 
vanderdonckt 5Een grote rieten mand aan de ene arm en een immer zwaaiende andere arm, zo liep hij van het éne naar het andere cabardouchke in het toen erg florissante “glazen straatje” dat voort leeft in de volksmond. Al is de officiële benaming de Pieter Vanderdonckt doorgang, genaamd naar de eigenaar van dit fraai stukje Art Nouveau (eind 19e eeuw).
vanderdonckt 6Die Roste Wasser haalde er de fijne lingerie van de meiskes op en waste die eigenhandig met zijn grote ruwe knuisten fluweel zacht.  Naar het schijnt waren de meiskes zeer content en konden ze hem ’t één en ’t ander toevertrouwen want de Roste deed nooit afbreuk aan zijn zwijgplicht.  Vandaar dat de bevolking zelf hun wildste fantasieën de vrije loop lieten en ondereen genoten van eigen stiekeme dromen van hoe het er achter de fluo-vitrines aan toe moest gaan. 
vanderdonckt 3De Roste Wasser had tal van levensmotto’s en één ervan “Vive la liberté” weerklonk soms tot stuk in de nacht tussen de vele smalle steegjes.  In die tijd was het frans nog duidelijk aan de orde in het uitgaanskwartier en in het glazen straatje want wie immers kon zich een meisje van plezier permitteren; zeker niet de Gentsch sprekende werkmens.
Op die acht jaar dat wij hier in ’t centrum wonen en het glazen straatje deel uitmaakt van ons dagelijks parcours – voor onze algemene boodschappen wel te verstaan – heb ik intussen de huidige Roste Wasser ontdekt.  ’t Heeft een tijdje geduurd vooraleer ik het door had maar wie denkt dat het verleden voorbij is, heeft het mis. Nog steeds gaan verleden en heden in het glazen straatje hand in hand. Ik maak veel gebruik van deze glazen doorgang want het is uitstekend gelegen tussen twee belangrijke winkelstraten en ik noem het met een kwinkslag “het doorsteekje”….
vanderdonckt 7De Roste Wasser van nu is een klein, schriel mannetje (in de 50), in afgewassen jeans die steeds met korte, gejaagde pasjes van her naar der crosst.  Als huidige dienaar van de meisjes is zijn taak meer polyvalent geworden en beantwoordt meer aan de noden van deze tijd.  Eigenhandig wassen hoort er niet meer bij want hij is vaste klant bij de dichtst bijzijnde droogkuis of ik kruis hem geregeld bij dezelfde apotheker of ik ontmoet hem in de betere voedingszaken.  De meisjes van ’t glazen straatje moeten blijkbaar niet veel minder dan vroeger financieel inboeten want de nabij gelegen delicatesse-zaak is in goeden doen.

Maar O wee, als je achter het kaboutermannetje staat aan te schuiven, dan mag je ervan op aan dat het zijn tijd zal duren vooraleer hij de vele bekladde papierflardjes heeft afgeramd, want ’t is steevast 100 gr. van dit en een klein potje van dat; zijn meesteressen staan voortdurend op dieet voor de goede zaak !
Het glazen straat-kabouterke heeft in uitzicht niets gemeen met de vroegere Roste Wasser; of toch……zijn dikke hoofdpluimen zijn in ’t rood geverfd met een immer grijze uitgroei in ’t midden.  Zou hij ook weet hebben van zijn voorganger, vraag ik me dikwijls af.

 

bibliografie Roste Wasser : zie posting hieronder




16:29 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (13) | Tags: meisjes van plezier, geschiedenis, gent |  Facebook |

DE HUISDIENAAR VAN LICHTE ZEDEN (2)

aanvulling op voorgaande posting.....
 
roste wasser

Ernest De Vriendt (1879-1955) was een opgemerkte figuur in het Gentse. Hij was immers groot en beende steeds met grote, verende passen door de straten. Zijn witte kiel -met bloempje in het knoopsgat!- fladderde wapperend achter hem aan.

 

Hij droeg ook altijd een wit hemd met een strikdasje, een donkergrijze of zwarte broek en gelakte schoenen. Meestal liep hij blootshoofds, maar het gebeurde ook wel eens dat hij zijn rossige krullen bedekte met een strooien hoed die scheef op zijn hoofd stond.

 

De mensen noemden hem lachend 'de roste wasser'. Als wasser liep hij altijd met een grote rechthoekige mand onder de arm. Daarin haalde hij het linnen af of droeg het terug naar zijn klanten. Maar niet om het even welk linnen en niet om het even welke klanten! Neen, de 'roste wasser' was gespecialiseerd in damesondergoed!

 

Hij verdiende er behoorlijk zijn brood mee en profiteerde geregeld van enkele extraatjes. Het gebeurde bijvoorbeeld wel eens dat hij werd getrakteerd in de cafés, op voorwaarde dat hij de inhoud van zijn mand wou laten zien! Ook op tram 7, het vaste vervoermiddel van de 'roste wasser', zorgde hij geregeld voor heel wat opschudding. Als hij niet luidkeels 'Vive la liberté (leve de vrijheid)' of andere gelijkaardige slogans stond te roepen, dan kreeg hij het in zijn hoofd om zijn geit Lies mee te nemen tijdens de rit. Natuurlijk ging hij dan bij voorkeur staan langs de kant van het 'chique' volk, dat 10 centiemen meer betaalde voor een comfortabele rit!

 

De 'roste wasser' wist de situatie altijd naar zijn hand te zetten. Toen hij tijdens de oorlogsjaren door de Duitsers werd opgeroepen om zich te verantwoorden voor zijn op dat moment minder onschuldige klinkende vrijheidskreten, maakte hij er een hele schertsvertoning van. Hij verscheen in een potsierlijk kostuum met een hoge hoed en kraamde zoveel nonsens uit, dat de officieren hem voor gek verklaarden en hem maar meteen weer vrijlieten. Hoewel ook de Gentenaars hem nooit serieus hebben genomen, was er toch heel wat sympathie voor deze vreemde figuur. Hij vormde een dankbaar onderwerp voor sketches, een poppenkastrevue en zelfs een strip.

15:41 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: volksfiguur, meishes van plezier, gent |  Facebook |

02-11-06

STAD IN POÊZIE

Antwerp.In de vorige posting had ik het over Kortrijk.  Vandaag trok, kuierend  in de Openbare Bibliotheek,  een alleraardigst boekje mijn aandacht.  Een verzameling gedichten van bekende en minder bekende dichters over onze grootste stad van Vlaanderen, de stad van de Sinjoren.

Als pittig tussendoortje en als aanloop naar het weekend, citeer ik hier een paar poëtische bedenkingen over Antwerpen.

 

Bezoek aan de zoo

Wij zochten naar wat dodelijk was : de vogelspin,
de piranha's, de ratelslang.  Over het glas,
waarachter de huiver lag, gleden onze vingers
tussen de stilten van beweging.

Uitrustend op witte tuinbanken raakten wij
niet uitgekeken op de zovele imitaties van leven,
waarin de hemels geschilderd zijn, de vergezichten
dichtbij en de rotsen van eigen makelij.

Wij zochten naar wat dodelijk was en speelden
dit spel als een schaker die zich,
schijnbaar verstrooid, verschalken laat.
Blij dat scheiding ons de angst ontnam.

Eddy van Vliet

Antwerp.1a

 

Thuis

Ik kijk naar buiten, naar het uitzichtloze
dat nu stilaan mijn uitzicht is geworden;
een klimroos zonder rozen, verdorde
dingen, een door koude bij mekaar gebeden
rijm op alle takken, de oude klare
mare van de winter, alles is helder niets.
Een tuin vol mist.  Vastgevroren verleden.

En een nergens willen thuishoren
dat hier wil blijven.  Ik.  Jij.
En een verloren
zijn dat makkelijk te vinden is;
Berchem, Cogels-Osylei.

Herman de Coninck

Antwerp 2a

 

Antwerpen (park)

Het park is wijs met zijn bewusteloze bloei en kinderen.
Hun ratels trekken zinnige spiralen door het groen.
Mijn wandeling schrijft een nul, mijn voeten lezen
rustig en voldaan de sporen in de paden.
Ik woon onder lachende ganzen en ouden van dagen,
exotische bomen en gastvrije grassen.

Ik kan je nu bezoeken en de zomer zonder drift over je
lichaam leggen.
Ik kan je nu verlaten en me 's nachts alleen met stilte
ondergraven in een zwart en lastig bed.
De slaap is mijn natuurlijk element, de eenzaamheid
mijn opgang in de grondeloze droom van dingen en
dieren.
Ik leer de tijdeloze data van mijn kort bestaan,
berustend
In het vonnis van een dode taal die mij geschiedenis in
het persoonlijk vlees heeft neergelegd.
Ik kijk naar jou;
Een ander heeft al vroeger onze liefde opgeschreven.

Leonard Nolens

Antwerp.3a

Uit : Antwerpen - De stad in gedichten - samengesteld door Philip Hoorne - 2003 Uitgev. 521  Spiegelgracht - Amsterdam

 

19:59 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (4) | Tags: poezie, antwerpen |  Facebook |

01-11-06

CITYTRIP MET ART DECO

De Coene 3Wie eens een dagje wil city-trippen in eigen land en het interessante aan het aangename wil koppelen, wie houdt van ambacht en industrie in design en architectuur, wie nooit eerder hoorde van Kunstwerkstede De Coene, moet beslist een dagje Kortrijk doen.

Kunstwerkstede De Coene, meesterschap van art nouveau tot design “Made in Kortrijk” was ooit in Vlaanderen  de grootste werkplaats voor toegepaste kunsten.

De Coene 1

“Laat uwe woning bouwen, versieren, bemeubelen, inrichten door bekwame vakmensen- het is een kwestie van geluk in uw leven” (en een kwestie van geld !), zo schreef in 1932 Stijn Streuvels voor dit meubelbedrijf van zijn vriend Joseph De Coene.

Joseph De Coene (1875-1950) richtte rond 1900 de Kortrijkse Kunstwerkstede op.  Streuvels was artistiek leider van de De Coene-drukkerij, De Eikelaar.  De behangzaak van De Coene was uitgegroeid tot een toonaangevend interieurbedrijf.  Kunst, ambacht en industrie gingen er hand in hand, naar analogie met Arts & Crafts, verankerd in de Vlaamse traditie.

De Coene 2

Met enkele vaklieden was De Coene eigen meubels beginnen te vervaardigen en in 1903 behaalde een wandmeubel zelfs de eerste prijs op het driejaarlijks meubelsalon in Brussel.

De produktie verruimde systematisch tot al wat deel uitmaakt van een interieur, ook verlichtingsarmaturen, tapijten, glasramen, stoffen en marmer.  In de jaren 1910 was de faam van De Coene Frères (Joseph en Adolphe) en hun schoonbroer Arthur De Leu, buiten onze grenzen gegroeid. 

De Coene 5

Het bedrijf telde toen 2.400 werknemers en de opdrachten stroomden toe uit het buitenland.  In de art deco gaf de Kunstwerkstede internationaal mee de toon aan.

De lijst projecten uitgevoerd door De Coene is indrukwekkend : de inrichting van het Résidence Palace in Brussel, het Casino van Blankenberge, het gemeentehuis van Vorst en het bureau van Leopold III, ontworpen door de Gentse art déco-meester Henry Van de Velde.

Op de expo ’58 toonde de firma haar expertise in snelle spantenbouw.

De Coene 4

Na tal van reorganisaties besliste de Generale Maatschappij in 1977 tot de opsplitsing van de onderneming.

Leuk detail :  ook de Kortrijkse Rust – en Vezorgingstehuizen werden uitgerust met de gekende uiterst comfortabele zitstoelen, die nog niet zo heel lang geleden werden geruild voor hedendaagse. Op bezoek bij mijn schoonmoeder mocht ik er ook mijzelf knus in neervleien en zodoende heb ik een sober product van de Kunstwerkstede ook eens aan “het zitvlak” mogen ondervinden.

Deze uiterst verzorgde en uitgebreide (met de nodige video-fragmenten) tentoonstelling gaat door in het Kortrijks Broelmuseum – Broelkaai, nog tot 7 januari 2007, van dinsdag tot zondag van 10 tot 17u.  Toegang 6 en 4 euro.

Een zeer fraaie uitgave van Openbaar Kunstbezit Vlaanderen is voor de gelegenheid totaal gewijd aan deze Kunstwerkstede en kost 6 euro.

Deze tentoonstelling ligt op wandelafstand van het Kortrijks station en in ’t centrum van de stad.  Een sightseeing is dan ook welgekomen en op de gezellige markt bij de Belforttoren kan men genieten van een natje en een droogje en de sfeer van de eerste winkel-wandelstraten in Vlaanderen.

Beslist een warme aanrader tijdens deze natte herfstdagen.

Meer info op www.kunstwerkstede.be

 

09:53 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (15) | Tags: art deco, tentoonstelling, citytrip |  Facebook |

29-10-06

1 NOVEMBER

tekening 2De doden herdenken, onze dierbaren eren, ’t is mooi, ’t is genereus, ’t is menselijk, ’t is een must.  Maar moet dit nu expliciet “en masse” gebeuren, expliciet op diezelfde dag, een dag tot dodendag herleid ?

Waarom vertrappelen we onze overledenen, die rusten in vrede, uitgerekend op die ene dag van ’t jaar met, voor velen, huichelachtig gedoe.  Waarom overstelpen we hun graven met, voor sommigen, schijnheilige praal en pracht, om elkaar te bekampen met de grootste, de mooiste chrysantenbollen.

Ik besef dat ik hier misschien heilige huisjes intrap, maar dat is wat ik zie, wat ik voel, wat 1 november bij me oproept.

Komt het omdat ik vroeger, tegen wil en dank, meegetroond werd langs ontelbare graven van verre familieleden waarvan ik het bestaan enkel kende uit oneerbiedige verhalen en beschimpingen, waaraan precies op die ene dag in ’t jaar achterhaald krediet werd geschonken dat hen bij leven en welzijn werd verzuimd ?

Voor mij roept 1 november wrange beelden op.  Beelden van madammen in bontjas die hun opdracht tot herdenken rijkelijk in handen leggen van bloemisten die de klusjes dan voor hen klaren, die wroeten in de aarde en een graf omtoveren tot een kleurrijke uitstalling, hun beroep waardig.  En diezelfde madammen die met man en kinderen de dag zelf hun opdracht gaan bewonderen en stilstaan voor de creativiteit van een ander, zonder stil te staan bij diegenen die ze bedekken. Ach wat zouden velen zich omdraaien in hun graf.

Van in mijn jonge jaren had ik er reeds zo’n wrang gevoel bij waaraan ik toen al mijn poëtische uitdrukking gaf

één november

grijze uitstalramen van levenloos arduin
feestelijk opgesmukt voor de gelegenheid
een veelkleurige flora-panorama
de jaarlijkse Floraliën

slenterende tronies,
verwrongen van acterende smart,
tweemaal vijf witte bollen
in evenwicht langs elke kant
op weg naar ’t volgend praaltuig

(uit dichtbundel "Leven met het Leven" - Iris Michiels - 1984)

Dode dierbaren zouden dagelijks in ons verder moeten leven.  Een foto op een ereplaats waartegen we ons hart kwijt kunnen, waartegen we het verhaal van ons leven vertellen, waarbij we, ten alle tijde, verse bloemen strooien.
Mijn eigen vader moest ik vijftien jaar terug afstaan; hij koos zelf voor geen graf; zijn foto prijkt op een ereplaats.  In veel beslissingen die ik nemen moet ruik ik zijn adem in mijn nek, voel ik zijn waakzame handen op mijn rug.  Niet enkel op 1 november is hij bij me, het ganse jaar door blijf ik hem eren en waarderen.

Straks ga ik bij mijn oude moeder met zijn lievelingsbloemen, die ze eerbiedig naast zijn foto plaatst en bij de koffie vloeien de mooiste herinneringen over onze lippen en weten we dat het goed is, dat pa in ons midden is.

kaarslicht 1

 

 

 

 

10:20 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (13) | Tags: 1 november, dood, dierbaren, vieren |  Facebook |

26-10-06

MOEDERS/DOCHTERS

moeders 2

Moeders en dochters.  Het is en blijft iets speciaals.  Als men de reklamewereld mag geloven dan schotelt men een moeder voor als DE beste vriendin van haar dochter en dochterlief die geen geheimen kent voor haar moeder-vriendin.

Bij het zien van deze flauwekul kan ik er nu gelukkig om lachen en moet ik dankbaar toegeven dat ik dit reklameprofiel de laatste jaren min of meer benaderd heb. 

Ooit is het anders geweest toen mijn twee tienerdochters zich losrukten van moeders veilige vleugels, op zoek naar avontuur en zelfbeleving, op zoek naar de duistere kantjes van hun bestaan die tenslotte het echte leven aanvullen.
Hoe ontelbare keren hebben ze mij ’s nachts uit de slaap gehouden totdat ik hun brommergeluid de oprit hoorde indraaien en het grint knarsend uiteenspatte ?

Hoe ontelbare keren stonden hun dampende borden tergend af te koelen terwijl ik extra traag het mijne vermaalde en uiteindelijk toch de tafel diende af te ruimen ?

Hoe vaak heb ik met een rood hoofd en zwijgende mond moederziel alleen de vaat gedaan terwijl mijn twee studenten uitgerekend op het moment van de huishoudelijke rituelen zich dringend moesten voorbereiden op alweer een zware toets ?

Oudere en meer ervaren vriendinnen susten me telkens weer dat het beteren zou als zijzelf een gezin zouden hebben, dat ik nog wat geduld moest uitoefenen. Van geduld gesproken, wetende dat onze kinderen alsmaar langer studeren !

Enfin, 25 jaar bij de oudste en 23 bij de jongste heb ik dat geduld opgebracht vooraleer, op straat bij het boodschappen doen, zich een dochter-arm  door de mijne wrikte en een warm lijf zich tegen me aan drukte en ik mijn moeder-status kon voelen.

Toen alweer een paar jaartjes later, mijn hoogzwangere dochter , letterlijk en figuurlijk, op mij begon te steunen zette ik trots mijn pauwenveren uit opdat ook andere mensen niet aan mijn moedertrots zouden voorbijgaan.

Vandaar dit prachtig gedicht van Lut De Block dat me in spiegelbeeld blijft achtervolgen….

 

Dochter en ik

We liepen beiden bloedend langs de Keyserlei.
Dochter en ik.  Geen woord was tussen ons,
geen misverstand.  Ook geen verband
tussen haar zwijgen en mijn gewild niet spreken.
Alleen hand die me het vallen zou beletten.
Een stomme steen, zei ze.  Opletten.
Het kind is moeder van de vrouw.

Ik bloei, zei ze toen ik haar zeggen wou
dat leven bloeden is en niet te stelpen.
Ze klaterlachte, kon het ook niet helpen.
Of bloeden niet een beetje bloeien is ?
En dat ze snakte naar gemis,
geluk, gelul, gelal van jongens in de straat.

Ooilam op mijn schoot, wat werd ze groot.
De lente was nog iel en zij zo blij,
Gewichtsloos liepen wij,
zo zij aan zij, en hand in hand
zo beiden bloeiend langs de Keyserlei.

Lut De Block

Lut 2

 

15:47 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (10) | Tags: relatie, moeder, dochter, poezie |  Facebook |

25-10-06

SCHILDERKUNST EN ZIEKTE OF ZIEKTE IN DE SCHILDERKUNST

Alzheimer 2

Getroffen door een krantenknipsel met een reeks zelfportretten doet me nog maar eens stilstaan bij de ernst van de ziekte van Alzheimer.  Wij kunnen er in ieder geval ook over meespreken hoe we, telkens na een bezoek aan een dierbare,  van de kaart zijn.

De befaamde Belgische wetenschapster, prof. Christine Van Broeckhoven, en internationale autoriteit in het onderzoek naar Alzheimer-dementie,

Christine V.B. 4

http://www.degrootstebelg.be/dgb_master/100belgen/dgb_vanbroeckhoven_christine/index.shtml?video_1

verklaarde onlangs nog hoe deze ziekte de ergste hersenaftakeling inhoudt, hoe ze de patiënt zijn volledige identiteit ontneemt, en hij bij gevolg zichzelf stilaan aan ’t verliezen is.

Stilleven met Alzheimer is ook de titel van deze reeks aangrijpende zelfportretten waarin William Utermohlen probeert vast te leggen welke ravage deze ziekte in een menselijk brein aanricht en hoe hij verdwijnt voor zijn eigen ogen.
Utermohlen begon te schilderen in 1996 toen hij, als kunstleraar, te horen kreeg dat hij de ziekte van Altzheimer  had. Zijn zelfportretten laten op een aangrijpende manier zien hoe een mens langzaamaan aftakelt in de eenzame wereld genaamd dementie.  Hoe zieker hij werd, hoe meer het perspectief en de details uit zijn werk verdwijnen.  Volgens een psycho-analist vertellen de portretten gevoelens van eenzaamheid, angst, afstand, vervreemding, zwakte en schaamte.
William Utermohlen, geboren in 1933 (Philadelphia) studeerde schilderkunst aan de Pennsylvania Academy of the Fine Arts en na zijn huwelijk vestigde hij zich in Londen waar hij in de jaren ’70 les gaf aan het Amherst College.  Hij wordt vooral herinnerd door zijn allerlaatste levenswerk, een laatste poging tot een zelfportret met een airbrush uit 2000.

Vandaag woont hij in een tehuis voor dementerenden in Londen.

Wetenschappers hebben van 1996 tot 2000 nauwkeurig de evolutie in zijn zelfportretten gevolgd en hopen zo te weten te komen welk deel van de hersenen voor creativiteit zorgt en welk effectief de ziekte heeft op de tekencapaciteiten van een mens.

Alleen zijn echtgenote wist,bij de aanvang van zijn ziekte, dat ook hijzelf wist wat er hem te wachten stond. 

Als dit geen voorzienigheid is en tevens een zeer interessante nalatenschap voor de wetenschap. Een moedig man, die William Utermohlen.

Momenteel loopt er, onder impuls van zijn echtgenote Patricia een tentoonstelling over haar man in de Academy of Medicine in Manhattan, New York.

Jammer dat ik er niet bij kan zijn, als eerbetoon…..

Een paar van zijn werken :

Uthermolen 2b

 

Uthermolen 2a

16:32 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (7) | Tags: alzheimer, aftakeling, schilderkunst |  Facebook |

23-10-06

FILMFESTIVAL-NIEUWS

Het is eraan te merken dat dit jaar geen glitter and glamour filmdiva uit oude glorie in de vakjury zetelde van het Internationaal Filmfestival te Gent.  Ik was blij verrast met de winnende prent dit jaar, al heb ik de film (nog) niet gezien.

“Ten Canoes” van onze noorderbuur Rolf de Heer (geb. 1951 te Heemskerk)

aboriginals 1ahier te zien links (vanzelfsprekend !) op de foto is de grote winnaar. http://www.imdb.com/name/nm0208854/

Het is een Aboriginal-epos van Australische makelij en brengt het verhaal van de ganzenjacht door de autochtone bewoners van Australië. Het gaat hier om de eerste film die volledig in de authentieke taal van de Aboriginals gedraaid is.

Ten Canoes toont het verhaal van de aboriginal Dayindi die verliefd is op de vrouw van zijn broer Minygululu.  Tijdens de jacht wil deze laatste zijn broer op andere gedachten brengen.  Om deze te overtuigen vertelt hij hem op de tocht een oud mythisch aboriginalverhaal.

aboriginals 2a

Regisseur de Heer en zijn assistent Djigirr hebben met hun film geschiedenis geschreven !

Niet alleen is de film volledig in de originele taal gedraaid en bestaat de volledige cast ook uit de oorspronkelijke bewoners van Australië, de film is daarbij volledig opgenomen in hun woongebied en maakt gebruik van hun exotische muziek.

Volgens de vakjury toont Ten Canoes aan dat “acceptabel sociaal gedrag noodzakelijk is om zelfs in de kleinste samenleving te overleven”.  Eerder won deze film ook al de speciale prijs van de jury in het onderdeel “Un Certain Regard” op het festival te Cannes.

Wie dus houdt van authenticiteit, ver van de Hollywoodiaanse sterrenhemel, is deze film vast een aanrader en bewijst nogmaals dat sociaal samenleven een wereldkunst en eigenlijk niets nieuws onder de zon is.

De Grote Prijs voor Beste Film bestaat uit een distributiepremie van 20.000 euro ter ondersteuning van de release van de film in Vlaanderen en Brussel (in minimum vijf zalen).

Zie ook : http://www.filmfestival.be/about.cgi?go=detail&id=242&lang=nl

 

17:29 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (7) | Tags: film, prijs, australie, aboriginals |  Facebook |

22-10-06

FILMDEBUUT

balthazar 2Nic Balthazar (Vlaanderen Vakantieland en filmkenner)  start met de verfilming van zijn jeugdroman “Niets was alles wat hij zei”, ook bekend van de theaterversie “Niets”, die al aan haar 200ste opvoering toe is.  De film, die gebaseerd is op waargebeurde feiten, zal meteen ook Balthazar’s debuut zijn als filmregisseur.  Ben X is een zeventienjarige jongen met een lichte vorm van autisme die zodanig werd gepest dat hij zelfmoord pleegde door van het Gravensteen in Gent te springen.
Praga Kkan verzorgt de soundtrack, maar ook heel wat nieuwe media (games, beelden gefilmd met gsm’s ) zullen er in verwerkt worden.
In één van de hoofdrollen zal Pol Goossen (Thuis) de rol van Ben’s vader vertolken.

Ik herinner me dit droevig feit nog als de dag van gisteren.  De jongen had zich laten opsluiten in het Gravensteen

GRAVENSTEEN 2en het einde van de bezoekuren afgewacht om zichzelf naar beneden te storten.  Sommigen beweerden dat zijn moeder hem niet genoeg aandacht schonk, anderen roddelden dat het de school was waar hij niet voldoende opgevangen werd.
Oordelen, be-oordelen, ver-oordelen gingen algauw over de tong.  Weinigen bleven stilstaan bij de jongen zelf.  Hoe hij in zijn apart wereldje geen plaats voor zichzelf had gevonden en zich als een ridder in een middeleeuws kader van de burcht  zijn eigen heldendaad toe-eigende, ver weg van de reële wereld waar zijn ziel niet helemaal thuishoorde.
Ik hoop dat de film geen daders aanduidt, maar ons een wereld voorschotelt die net niet de onze is, waarin mensen met een ander inzicht, een ander aanvoelen, het moeilijk hebben te mogen zijn wie ze werkelijk zijn.

De keuze van Pol Goossen

pOL Goossenals de vader klinkt in ieder geval bevredigend; deze kei-goede acteur verdient betere faam dan alleen de rol van Frank in een soap, al zijn soap-prestaties ook niet te onderschatten. Doch deze acteur is van vele markten thuis en kan heel wat karakterrollen aan.

20:04 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (7) | Tags: boekverfilming, soap, autisme |  Facebook |

19-10-06

TIJD VOOR IETS ANDERS

vogeltrek 3Genoeg onder 't volk geweest de voorbije week.  In duistere zalen de stank van popcorn geïnhaleerd, emmers cola op de trappen zien meeheulen, knarsende frieten in mijn nek gevoeld, hier en daar nog een gsm-biep moeten verdragen tijdens de meest spannende momenten.  Onze filmweek zit erop.
Tijd voor iets anders, tijd voor een andere wereld en het kind in mij boven te halen.  Van vrijdag tot zondag verdiep ik me in de puurheid van kleinzoon Maurice, ga ik terug naar de verhalentijd en het onvoorwaardelijk aanvaarden voor wie ik in wezen ben.
Maar eerst nog even zweven in een Zen-moment.......

 

een vlucht gedachten

in de hoge vogeltrek
herken ik de vlucht
van mijn verlangen
naar een ontmoeting
waarvan ik de einder niet ken

in een dwarrelend blad
hoor ik het zweven
van mijn gedachten
naar een aanraking
die me dronken maakt

in deze oktoberschijn
zie ik de adem
van mijn zuchten
naar innige handen
die me zacht ontwaken

dankbaar voor je warmte
sluit ik mijn denken

18:05 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (13) | Tags: poezie, bezinning, kindzijn |  Facebook |

17-10-06

FILM(FESTIVAL)

RoelGraag zou ik hier even de aandacht willen vestigen op de senioren in onze samenleving.  Zelf verkies ik de term 55-plussers omdat de wereld van senioren in heel wat schijfjes kan worden opgesplitst.  We moeten toch toegeven dat de oma’s en opa’s van tegenwoordig snotneuskes zijn vergeleken met die van vijftig jaar terug.  Toen droeg een vrouw van vijftig al een knoetje in de nek en een alles-toedekkende zwarte schort en slofte opa op geruite pantoffels en in een spannend gileetje van de sofa naar de pompbak.
Ik omschrijf mijzelf als een 55-plus-puber en hoop dat ik nog veel verschillende stadia te gaan heb, al besef ik nu al dat ik in mijn categorie nooit volwassen zal worden, daarvoor is het kind te veel aanwezig, zeker nu er een kleinkind is en het tweede in wording.

De andere kant van de 55-plus-medaille is dat we behoorlijk wat voordelen kunnen meepikken en we echt bevoorrecht zijn.  Ja, dat geef ik grif toe.
Neem nu het Filmfestival Gent.  Speciaal voor deze doelgroep heeft de kwieke, knap uitziende, immer sympathieke 55-plusser Roel Van Bambost een 7-tal films geselecteerd onder de noemer Plus Parcours.  Voor de tweede maal reeds koos deze fervente filmkenner voor de 55-plussers een reeks unieke films van verschillende genres, zowel uit de categorie “officiële competitie” of uit “wereldcinéma”.  De eersten komen achteraf in roulatie, de tweede categorie zijn éénmalige gelegenheidsfilms die nooit de cinémazalen bereiken maar des te meer de moeite waard zijn (zie eerdere beschrijving over de docu-muzikale-film met Neil Young).
De Lokale Seniorenraad (waarin ik ook zetel) heeft haar medewerking verleend en keek erop toe dat we geenszins zouden betutteld worden en benadrukte het niveau van de uitgestippelde films uit het Plus Parcours.  Roel Van Bambost ging daar volledig in mee, vandaar het immens succes.
Dus laten we deze gelegenheid ook niet aan onze neus zomaar voorbij gaan.  De zeven films zijn wel een matinée-voorstelling en elk filmticket gaat gepaard met een gratis tram/bus-ticket.- wij doen beroep op ons voetenstel,  we wonen amper twintig minuten stappen van de Kinépolis- plus ook nog eens een bijkomend bonnetje voor koffie achteraf in het Hollywoodiaans Festivalcafé.  Zo’n alles der-op-en-der-aan-ticket kost amper 5 euro.

Bij twee films op de zeven kan het helemaal niet op : dan worden we voor dezelfde prijs getrakteerd op koffie met taart.  De filmtickets uit het Plus Parcours zijn dan ook heel vlug de deur uit.
Dat iedere vertoning geïntroduceerd wordt door Roel Van Bambost himself weet iedereen fel te pruimen; de arme man heeft dan heel wat handen te schudden achteraf maar krijgt evenveel goedkeurende schouderklopjes (zeker van het vrouwvolk die deze schone jongen graag eens bij de mouw neemt).  Vrouwtje Miek is meestal ook van de partij, want het duo Miek en Roel van de folk- en protestsong wordt in het Gentse nog steeds op handen gedragen.
We zijn nu pas terug van alweer een schoon filmke, hebben eens mogen proeven van de rode loper en de schijnwerpers op ons koppeke en we zijn wij weer content ! (maar kijken wel al uit naar de volgend matinee).

Voor de filmbesprekingen verwijs ik graag naar volgende blog :

http://cultuur-of-zo-iets.skynetblogs.be/

18:12 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (11) | Tags: festival, 55-plussers, film |  Facebook |

16-10-06

LITERATUUR

Tot tweemaal toe was ik eraan begonnen, niet verder geraakt dan dertig pagina’s en dan weer opgeborgen.  Derde keer, goede keer en….uitgelezen, Michel Houellebecq’s “Elementaire deeltjes”.

Elementar 4Elementar 3

Met dit boek, één van de meest gedurfde romans van en over onze tijd,  brak de schrijver internationaal door.  Hij vertelt het verhaal van de los van elkaar opgroeiende halfbroers Bruno en Michel, die beide door hun moeder in de steek zijn gelaten.  De één wordt een aan seks verslaafde genotzoeker, de ander een briljant moleculair bioloog, die uiteindelijk zal bijdragen aan de zelfopheffing van de menselijke soort.  De levenswegen van de twee broers zijn exemplarisch voor het morele bankroet van de liberale westerse samenleving waarvan Michel Houellebecq op visionaire wijze het einde aankondigt.
Een fascinerende roman, intelligent geschreven maar wel provocerend gedurfd.  Ik heb er mezelf doorgewrikt, weliswaar niet zonder een opgelegde push en heb er achteraf toch een voldaan gevoel aan overgehouden.  Het is hard geschreven, zonder mededogen.  Maar is de realiteit ook niet zo ?  Vlug gechokeerde zielen zijn verwittigd voor de talrijke pornografische beschrijvingen, maar ook dit behoort tot het leven.
Michel Houellebecq (1958) geldt internationaal als één van de belangrijkste hedendaagse schrijvers.  Van hem verschenen eveneens bij de Arbeiderspers “De wereld als markt en strijd”, “Platvorm”, “Lanzarote” en “De koude revolutie”.

Tegelijk loopt de Duitse verfilming van het boek,

Elementar 1

Elementarteilchen van Oskar Roehler met in de hoofdrol Franka Potente (Lola rennt).  De film is geen doorsnee Hollywoodproduct.  Je moet niet rekenen op fraaie fotografie, maar eerder op een aflevering van een Duitse Krimi-reeks.  Toch zijn de filmrecensenten laaiend enthousiast omdat het niet vaak gebeurt in een verhaal dat mensen zich zo verwant voelen met een stel miezerige personages.  De hoeveelheid pijnlijk-komische, hilarisch-schrijnende taferelen is niet te overzien.  Er is ook nog de geweldige soundtrack met liedjes van J.J.Cale, Don Mc Lean en T-Rex.

De film zal voor na het Filmfestival zijn, zo hebben we weeral iets om naar uit te kijken.

14:33 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (7) | Tags: film, literatuur |  Facebook |

14-10-06

MUZIEK TIJDENS FILMFESTIVAL GENT

nEIL yOUNG 2Het kan niet op hier ten huize nu het Filmfestival in volle schwung is.  En wat een puike uitvinding dat on-line reserveren.  Je leest iets wat je interesseert, je kijkt op de website waar nog plaatsen vrij zijn, je vult in en meteen krijg je de vouchers uitgeprint.  Enkel nog omruilen hier vlakbij in de Fnac en geen gezeur van files-schuiven.

Het Internationaal Filmfestival van Vlaanderen-Gent zet vanaf vandaag folklegende Neil Young in de kijker.  In de muziekdocumentaire Neil Young : Heart of Gold schetst topregisseur Jonathan Demme (Philadelphia, Silence of the lambs, Stop making Sense) de zanger tijdens de wereldpremière van zijn Prairie Wind-concert afgelopen zomer.  Ontroering en goede folkmuziek gegarandeerd.
Neil Young geboren als Neil Percival Kenneth Robert Ragland Young begon op zijn achtste te spelen op een Artur Godfrey-ukulele, die hij van zijn vader had gekregen.  Later bouwde hij zijn carrière op in de supergroep Crosby, Stills, Nash & Young.
Nadat Young een zware operatie onderging, verzamelde hij vrienden en familie voor een concert in het “heilige der heiligen”, het Ryman Auditorium in Nashville.  Hij wordt er op het podium bijgestaan door veel muzikale metgezellen zoals country-ster Emmylou Harris, zijn eigen vrouw Pegi Young en gitarist Ben Keith.

In deze muziekdocumentaire krijgen fans en liefhebbers van folk een emotioneel rijk beeld van de relaties van deze unieke artiest met zijn familie en vrienden en van hoe hij met de dood omgaat.
Zijn song Heart of Gold is maar liefst 19 keer gecoverd, onder meer door Johnny Cash en Tori Amos.  In de jaren ’90 kreeg Young de bijnaam Godfather of grunge opgespeld, omdat hij de grote inspiratie was voor grungegroepen zoals Pearl Jam en Nirvana.
Dat de man ook nog een hart voor het milieu heeft, bewijst hij door zijn toerbus te laten rijden op biodiesel.
Voor ons, benevens zijn talent, ook nog eens een reden om deze uitzonderlijke documentaire zeker niet te missen.  Wij hebben alvast onze tickets voor a.s. woensdagavond.

Wie er nog wil bijzijn moet zich haasten, enkel de matinée-voorstellingen hebben nog vrije plaatsen en ook nog een 100-tal voor a.s. woensdag om 22u30.

Speeldagen en – uren :

Zaterd.. 14/10 om 22u30

Zond.    15/10 om 22u30

Maand.  16/10 om 14u30

Woensd. 18/10 om 22u30

In Kinepolis Gent – tickets 7 euro

Reservatie www.filmfestival.be

 

 

 

 

17:25 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (5) | Tags: filmfestival, folkmuziek, documentaire |  Facebook |

13-10-06

GENERATIES

Hoe ouder ik word hoe meer ik besef dat ik heel wat genen met mijn moeder gemeenschappelijk heb.  Als je jonger bent sta je daar niet zo bij stil.  En eigenlijk wil je zelfs helemaal niet op je moeder of vader gelijken.  Als rebellerende adolescent heb je een soort afweermechanisme om zelfs de geringste vergelijkingen af te stoten.

Naarmate de jaren vorderen en vooral als moeder en/of vader nog leeft, besef je willens nillens hoe je bepaalde dingen op dezelfde manier doet, hoe je over bepaalde zaken identiek hetzelfde denkt.  Soms schrik je van de duidelijke overeenkomsten.

Maar heel soms moet je bij jezelf toegeven hoe fijn het is juist die deugdzame eigenschappen te hebben over-geërfd waarvoor je oude moeder van haar omgeving heel wat complimentjes ontvangt.  Zo heb ik de laatste jaren dezelfde positieve ijdelheid van mijn moeder ook bij mezelf ontdekt en zie ik in haar mijzelf terug over 25 jaar, althans dat hoop ik er nog zoveel jaren te mogen bijdoen.
Ook bij mijn eigen dochters merk ik identieke patronen als bij mezelf.  Maar ik hou me in er hen op te wijzen omdat zij nog volop hun leven aan ’t uitbouwen zijn en net zoals ik toen misschien niet zo graag geconfronteerd willen worden met de overhevelingen uit het ouderlijk nest.  Toch geeft het me een innerlijke, deugdzame gloed wanneer ik bij een bezoek merk dat ze met aandacht voor gezelligheid de koffietafel hebben versierd met passende servetten en een toefje bloemen en het kaarslicht waarmee ze van in de wieg zijn grootgebracht.

Vorige zondag, toen ons kleinzoontje verjaarde, en de ganse familie was uitgenodigd had mijn jongste dochter alle gebak en taarten zelf gemaakt.  Zag ik daar nu ook niet mijn eigen ideeën in terug.  En mijn fier moederhart sprong op van innerlijke vreugd.

’t Zijn zulke momenten die je duidelijk maken dat, ook al is een mensenleven vergankelijk, het overbrengen van zeden en tradities de geschiedenis aanvullen en cultuur laat verder leven, dat verschillen tussen de jongste en de oudste in zekere zin niet zover van elkaar staan, al is dit langs de buitenkant in doen en laten niet zo sterk zichtbaar.

Onze vrij kleine vier generatie-familie heeft meer gemeen dan dat we op ’t eerste zicht vermoeden.  Het zorgzaam koesteren van een achter-kleinkind zal altijd de meest geschikte taak blijven voor een over-grootmoeder…..

BLOG

 

23:42 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (5) | Tags: generaties, over-ervingen, cultuur |  Facebook |

12-10-06

LITERAIRE LEZINGEN

PAARSE ZETEL

De paarse zetel-sessies in de Openbare Bibliotheek zijn opnieuw gestart.  Neen, ’t heeft niks te maken met de politiek of de Gentse coalitie. Dit zijn culturele over-de-middagpraatjes met bekende en minder bekende schrijvers.  De geïnterviewde neemt daarvoor plaats in een speciale met paars-overtrokken zetel. Deze eerste editie startte met niemand minder dan Jozef Deleu, dichter en publicist en vooral bekend als samensteller van het Groot (gezins)verzenboek en bezieler van Ons Erfdeel.

http://www.annettevandenbosch.nl/interviews/deleu.htm
In een kritisch open geest droeg hij zijn liefde voor de Nederlandse cultuur uit van Frans-Vlaanderen tot Friesland.  Ook bestuurslid van de VRT en co-redacteur van de Encyclopedie van de Vlaamse Beweging.  Hij klaagde falende beleidsmakers en “Vlaamskiljons” aan in opmerkelijke redevoeringen.
Zijn vaderland is de Nederlands taal.  In 2003 richtte hij nog een uniek poëzietijdschrift op, Het Liegend Konijn.  Recent verscheen van hem de dichtbundel “Hoe het licht wandelt”.

Deleu noemt zichzelf un Citoyen de la Frontière, is letterlijk geboren op de Belgisch-Franse grens uit een nest van zeven waarvan hij de jongste is.  Vader was een Franse landbouwer, moeder een Vlaamse.  Reeds vanaf het huwelijk van zijn ouders werd er overeengekomen dat de kinderen in ’t Vlaams zouden worden opgevoed.  Grenzen en begrenzing voelde Deleu als geen ander aan want ook in het ouderlijk huis werden er grenzen bepaald.  Al wat buiten de slaapkamer van de ouders betrof was in ’t Vlaams, maar binnen de slaapkamermuren spraken zijn ouders Frans.  Slim gezien van zijn ouders, meent Deleu.
Deze van jongs-af-aan-begrenzing heeft Deleu in zijn verder leven doorgetrokken tot zijn levensfilosofie :
“tracht niet alles te moeten, te kunnen, te kennen of te willen, tracht geluk na te streven binnen je eigen beperkingen door heel eenvoudig je begrenzingen te aanvaarden”.
Een wijs man die Jozef Deleu. Dit gedicht, omdat het de essentie van zijn persoon en werk indringend weergeeft.

 

Waar het op aankomt

 

Waar het op aankomt
de trein die niet
voortijdig stopt
in het station
de zon die niet ongezien
wegzinkt in zee.

Waar het op aankomt
een werkwoord vervoegd
in een goede zin
een vraagstuk opgelost
zonder vermogen
en zonder verlies.

Waar het op aankomt
een verlicht meer
en verliefd tot over
de oren. Het gaat voorbij
maar er blijft
overschot.

Waar het op aankomt
gerijpt in een eiken
vat reisvaardig
voor de overtocht
zonder overkant
als het moet.

 

(uit: Hazen troepen samen, 2000).

 

Deleu

15:26 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (3) | Tags: literatuur, poezie, lezingen |  Facebook |

11-10-06

OVER BEWONDERING EN VERWONDERING

“Alle filosofie begint bij de bewondering en blijft bij voortdurende verwondering” was één van de voornaamste stellingen van Plato.  Dit indachtig begonnen we deze zonnige zomerse herfstdag alsof het de allerlaatste is en was. We kozen één van de mooiste plekjes in onze Vlaamse Ardennen : de streek rond de Kwaremont.  Dit is een echt wandelparadijs in een idyllisch landschap van glooiende heuvels, akkers en weiden met af en toe een serieuze kuitenbijter. Ondanks een soms felle bries konden we toch in T-shirt en short genieten.

DCP_3355
 
DCP_3352
 
DCP_3350
 
DCP_3351

De glooiende natuur nam me in haar beginnende herfstkleuren op, onder mijn stappen het ritselen van haar weggeworpen tooi, in mijn gedachten woorden en zinnen van Herman Hesse’s

 

Begin van de herfst

 

De herfst waait witte nevels aan,
het kan niet altijd zomer zijn !
En ’s avonds nodigt mij de schijn
van lamplicht vroeg naar huis te gaan.

 

De tuin is haast in slaap gesust,
slechts wingerd gloeit in zonneschijn
Al wordt ook hij heel gauw geblust,
het kan niet altijd zomer zijn.

 

Wat mij voorheen ooit heeft verheugd
bezit de oude, blije schijn
niet meer en brengt vandaag geen vreugd.

Het kan niet altijd zomer zijn.

 

O Liefde, wonderbare gloed

die steeds doorheen de last en lust

der jaren laaide in mijn bloed.

O Liefde, kan ook jij geblust ?

 

(uit In de tuin van Herman Hesse

 

Hoe zou het komen, vraag ik me dikwijls af, dat de Herfst zoveel inspiratie biedt, zoveel melancholie wekt aan dichters en schrijvers.  De kleurwisseling ? Het afleggen van zomerse tooi ? Het begin van winterse gloed en gezelligheid ? Het gevoel van weer wat verder in het leven te staan ? Of eeuwige verwondering over de bewondering…..

21:52 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (3) | Tags: natuurn, wandelen, poezie, herfst |  Facebook |

10-10-06

POEZIE

 Uit de cursus Mens en cultuur gisteren een crème van een gedicht van Leonard Nolens mee naar huis genomen.

Als we moe zijn van het praten met elkaar zoeken we best de natuur op of verdiepen we ons in de puurheid van een kind.....

 

Vermoeidheid

Als wij, de grote mensen, moe zijn
Van het praten met elkaar,
Als wij moe zijn van het slapen
Met elkaar, het wandelen
En handeldrijven met elkaar,
Het tafelen en oorlog voeren

Met elkaar, als wij zo moe zijn
Van elkaar, van het elkaren
Van elkaar, dan zetten wij de kat
Op onze schouder, gaan de tuin in
En zoeken de kinderstemmen achter
De hoge hagen en in de boomhut.

En zwijgend leggen wij onze vermoeidheid
In het gras, en de jaren die zwaar
En donker sliepen in de zoom
Van onze jas ontbloten zich daarboven
In een jongenskeel en dansen op
En neer in een vochtige meisjesmond.

Als wij, de grote mensen, moe zijn
Van het praten,
Van het praten,
Van het praten met elkaar,
Gaan wij de tuin in en verzwijgen ons
In de kat, in het gras, in het kind.

Leonard Nolens

Nolens 2

 

 

07:31 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (14) | Tags: poezie, bedenking |  Facebook |

08-10-06

EEN RASACTEUR VAN DE STRAAT

Nolle 1

Ik zie hem, Nolle Versyp, nog levendig in de zetel, bij ons thuis, een jeneverke aan de lippen.  Een vrij rustig man die op zondagochtend zijn, door ons gekozen, kunstwerk “De ijzeren brug aan de Nieuw Vaart-Gent” kwam afleveren.  Een pentekening, zo minutieus en gedetailleerd correct  zoals alleen een fotografisch oog het waarneemt.
Wij kenden Nolle van het theater, van diverse TV-feuilletons en de laatste jaren van dr. Dré uit Thuis.  Dat hij een geboren Gentenaar (Rabot) is, dat we hem met vrouw en kleinkinderen op straat al eens tegen kwamen, was voor ons vertrouwd.  Wat we indertijd niet wisten was dat de acteur ook nog de kunsten van het tekenen beheerste.
Op een toevallige tentoonstelling ontdekten we zijn fraaie potlood-getekende hoekjes en kantjes in en rondom het Gentse.  We waren meteen verkocht.  Hij zou het eigenhandig bij ons thuis bezorgen.  Daar zaten we dan, die bewuste zondag, met z’n drieëen, een geschikt plekje uit te kiezen.  ‘t Was alsof we hem al jaren buiten het podium en scherm kenden. Een gedreven kunstmens, veelzijdige kennis en de eenvoud zelve.  Trotse vader van vier volwassen kinderen en steke-zot van zijn vele kleinkinderen.  We hebben toen honderduit zitten vertellen over de Gentse toneel-scène en het TV-milieu in ’t algemeen.  Hoe hij zich als niet-geschoolde auteur wist op te klimmen tot een karakterspeler, pur sang.
Nolle Versyp werd geboren in een Gentse arbeiderswijk als oudste van vijf.  Vader was slager.  Hij vertelde dat hij zijn ouders dankbaar was dat hij mocht studeren en uiteindelijk graficus werd.  Zijn allereerste baan was bij De Standaard.  Daarna werd hij redacteur bij uitgeverij Snoeck-Ducaju.  Daarnaast volgde hij in ’t weekend theaterlessen bij Studio 50, het latere befaamde Gentse Arca-theater.
Samen met broer Oswald (ook een tijdje te zien als Stany in Thuis) richt hij Theater Vertikaal op waarbij hij negentien jaar speelde.  Hij ontwierp ook de decors en tekende de affiches.
In 1975 treedt hij toe tot het professioneel stadstheater NTG.  Vanaf zijn eerste rollen bleek dat hij zowel tragedies als komedies de baas kon.  Hij was een krachtig acteur met een sterke présence.
Voor zijn vertolking van “De vrek” van Molière kreeg hij in 1988 de Oscar de Gruyterprijs.
Tijdens loze momenten in zijn acteursloge zat hij ook nog eens geschiedenisboeken naar het Nederlands te vertalen (zo’n veertig in totaal).
Eén van zijn allergrootste hobby’s was echter tekenen wat hij deed met een uitzonderlijk oog voor precisie en detail. 
We wisten wel dat de brave man aan reuma in de ergste graad leed; in mei dit jaar onderging hij een longtransplantatie maar het is niet mogen zijn.  Hij stierf eerder deze week op zeventigjarige leeftijd.

Nolle , jouw lijfelijk gemis compenseren wij in het juweeltje aan onze muur, de we vanaf nu nog intenser koesteren……

Nolle 3

 

11:33 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (5) | Tags: toneel, tv, acteur, tekenen, hommage |  Facebook |

05-10-06

FILMFESTIVAL TE GENT

filmfestival 2

Alweer feest in Gent met het 33ste Internationaal Filmfestival van Vlaanderen van 11 tot 21 oktober e.k.  Vooral aan hoteldeuren zie je dat chique voitures en taxi’s aan- en afrijden, afzetten en oppikken.
Een paar jaren terug, aan het Sofitel vlakbij ’t stadhuis kwam ik, doodgewoon madammeke, aangewandeld toen plots een immens glimmende  Chevrolet halt hield en direct besprongen werd door de twee Sofitelportiers in habijt met potsierige hoed en witte handschoenen.

Terwijl de chauffeur de voorbijgangers wat op afstand hield, wrong zich daar eerst een open muiltje uit de wagen, gevolgd door een glamour en glittergedoe van jewelste.  Bleek het om gewezen filmster Gina Lollobrigida te gaan

Gina 3Gina 4
 

die zich moeizaam (’t mens was ook al op leeftijd) naar buiten hees.  Een schminkdoos met gecrêpeerde haardos steunend op een portiersarm en te trots om naar de omstaanders op te zien, laat staan dat ze ook nog een film-smile kon opzetten.  Nu was ik heel veel vroeger in mijn tienerjaren wel een beetje fan – dat kwam door mijn moeder die haar look zo graag wou evenaren -  van die kokette Italiaanse schone die o.a. in de film “Trapeze” samen met Burt Lancaster parmantig in de lucht zweefde, maar toen ik ze hier zo zag als een krakkemikkige opgezette pauw stapte ik maar vlug verder.
Later las ik in de krant dat de filmdiva zo’n veeleisend mens was dat de organisatoren van ’t filmgebeuren er de rietepetieten van kregen.
De laatste drie of vier jaren schakelde men als juryvoorzitster over op een Franse diva : Jeanne Moreau, die naar het schijnt al niet veel beter was. Van uitzicht zeker niet beter, maar allé, volgens mij toch een veel betere actrice die het nog steeds doet.

Jeanne 2

Dit jaar weet ik niet op wie hun ogen zijn blijven hangen; allicht weer een uitgerangeerde, een filmafdankertje die tijd zat heeft en capsones te over !
Wat ik eigenlijk wou zeggen is dat het filmgebeuren aan onze stad alweer zo’n feëeriek sfeertje geeft en dat wij dan ook eens via de rode loper een filmpje in avant-première kunnen meepikken om achteraf in één van de fraaie festivaldorp-tenten een koffietje te nuttigen en als we chance hebben lopen we daar de immer sympathieke Roel Van Bambost tegen ’t lijf, of de minder goedlachse Patrick Duynslaegher en als we oer-chance hebben een bekende (film)vlaming.  Maar vermits ik geen handtekeningen verzamel laat ik die mensen met rust hun eigen ding doen en loer ik hooguit eens vanuit mijn ooghoeken om dan mijn partner een duwtje te geven met het nodige commentaar.

De grote glamour en glitter is weggelegd voor ingewijden of zelfs helemaal niet want de traditie is dat prins Laurent met zijn Claire – want dan mag ze ook eens mee om haar laatste Natan-outfit te showen – dan ook over de rode loper schrijden, maar die zijn dat al lang gewend natuurlijk en slaan daar hun voet niet meer voor om.

filmfestival 5

19:23 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (15) | Tags: film, festival, gent, filmdiva s |  Facebook |

04-10-06

SOCRATES ACHTERNA

Socrates 2De meeste cursussen doen mijn partner en ik individueel, al naargelang onze eigenste interesses.  Socrates achterna kozen we echter gezamenlijk kwestie van er op het thuisfront  te kunnen over verder bomen, al dan niet tussen de soep en de patatten.

Socrates is de eerste filosoof die meer naar binnen kijkt dan naar buiten om de wereld proberen te verklaren.  Deze innerlijke wereld van de mens schat hij hoger in als grond voor de filosofie dan de buitenwereld.  Daarnaast is hij een geboren grappenmaker, werkelijk alles en iedereen neemt hij op de korrel. Ook politici zet hij voor schut, wat hij echter moest bekopen met het drinken van de gifbeker.  Zijn lessen bestaan uit gesprekken; het spel van vraag en antwoord.  Hij spreekt niet alleen zijn leerlingen aan, maar elke willekeurige voorbijganger. Zijn uitgangspunt is steeds dat hij beweert dat hij maar één ding weet, namelijk dat hij niet weet. Het meeste dat wij van hem weten vernamen wij van één van zijn leerlingen, de filosoof Plato die hem in zijn dialogen laat optreden. (Eutyphro, Apologie, Crito)
Socrates stelt weten gelijk aan deugd.  Met zijn vragen wil hij de leerlingen brengen tot zelfonderzoek.  Dat zelfonderzoek bereikt nooit een eindpunt.
Vanuit deze stelregel vertrekt onze cursus.  Vandaag hadden wij het over “Liefde, realiteit of fantasme ?”, een never ended story of life.  Als er zoveel verschillende typen liefde bestaan als hieronder aangegeven, vermoed ik dat we de eerstkomende weken zoet zullen zijn.

  1. Liefde tussen familieleden; ouders versus kinderen
  2. Liefde voor vrienden, philia
  3. Romantische liefde (verliefdheid), Platonische liefde (zuiver geestelijk)
  4. Seksuele liefde, eros
  5. Liefde voor zichzelf, narcisme
  6. Liefde voor mensen in het algemeen, naastenliefde, charitas
  7. Liefde voor een voorwerp, kunsten en letteren
  8. Liefde voor het vaderland, vaderlandsliefde
  9. Liefde tot God (agapé)
  10. Liefde die schenkt en er niets voor terug verwacht
  11. Onvoorwaardelijke liefde voor alle levende wezens (Metta)

De groep bestaat uit 8 vrouwen en 2 mannen waaronder de lesgever die zich dusdanig opstelt als gewone cursist die luistert en modereert tegelijk, wat ons natuurlijk een aangenaam gevoel van elkaars gelijken bezorgt.  Het ging er ernstig aan toe, met af en toe ook ruimte voor wat humor, maar algemene stelregel blijft het aanvaarden van elk zijn/haar standpunt (waarheid) met respect en in verdraagzaamheid. De sessie van 2 uur vloog voorbij en alhoewel we allen vreemden van elkaar zijn, voelden we reeds een zekere natuurlijke verbondenheid.  Socrates’ geest was dan ook nooit ver weg.

Daarna hebben mijn partner en ik het aangename aan het nuttige gekoppeld (meestal is het andersom en hoor je dat het nuttige aan het aangename wordt gekoppeld).  Vermits we te voet, heen en terug, naar de cursus gaan, zijn we halverwege het terugkomen de stad ingetrokken en een Bretoens pannenkoekenhuis opgezocht waar we ons tegoed deden aan ons  lievelingshapje : een boekweitpannenkoek met hesp, kaas en spiegelei geflankeerd door een flesje Cidre Ruwet.  We waren zo diep aan ’t nakaarten dat we er een verwenkoffie aan toevoegden.  Intussen vertikten de hemelsluizen hun deuren te sluiten en kwamen we, terug thuis, pas tot de ontdekking dat we doorweekt Socrates achterna geweest waren. Ook met en in de regen kan het leven wreed schoon zijn !

 

 

15:59 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (10) | Tags: socrates, filosofie, gespreksgroep |  Facebook |

02-10-06

POEZIE

Onderstaand gedicht van Antwerps stadsdichter Bart Moeyaert las ik op de blog van vihke :

http://blauw.skynetblogs.be/ waarbij ik tevens een bezoekje aanbeveel

 

Kies

 

Bestaan kan iedereen.

Er zijn vraagt moed.

En wat de dichter doet

is pleiten voor het een.

Hij wil zijn leven niet

door wekkers laten leiden

of als een hond onthouden

dat hij kan slapen tot

het rinkelt naast zijn oor.

Hij bauwt niet na

wat hij soms uit

een mond hoort vallen

op tram acht, of met

een zwarte kwast over

een smoel geschreven ziet.

Zelf houdt hij niet

van vlekken maken,

maar als het bot moet

stelt hij dingen scherp

zodat het snijdt.

Hij woelt en spit graag,

graaft de scherven

uit de klei, haalt het beste

wat er is naar boven,

ook al weet  hij dat er

daardoor naast zijn hart

een stem blijft jeuken,

maar ach zo gaat dat

als de dingen moeilijk

worden en je bereid bent

met een pen van krijt

of kool te schrijven.

Hij is het best geplaatst

om iets over de gum

te zeggen, omdat hij

als geen ander weet

hoe leeg het is als hij

het blad omslaat, hoe snel

de fout, maar ook hoe klein

en hoe verlamd

een hand van angst.

En daarom juist blijft hij

in potlood denken,

want dat is volgens hem

het wezen van er zijn.

 

Bart Moeyaert

 

Bart 1

 

 

08:25 Gepost door Iris in Algemeen | Permalink | Commentaren (9) | Tags: poezie, verkiezingen |  Facebook |

1 2 3 4 5 6 7 8 Volgende